Wat is een Tukker?
08-09-2011Slechts weinigen weten dat het een streeknaam is van een vogel die veel in Twente, maar ook in de omgeving van Hardenberg voorkomt. We hebben het over een vogel die tot de vinkachtigen behoort en wel de kneu (Carduelis cannabina).
Zijn naam is afgeleid van kneuteren, of wel kwinkeleren. En dat doet de kneu. Zelfs onder het vliegen, als ze in groepjes overkomen,zijn ze te herkennen aan de golvende vlucht en het kwetterend geluid dat ze tijdens het vliegen maken.
Kneuen houden zich graag op in een wat ruig open terrein met lichte begroeiing van boompjes en struiken. Als ze in het voorjaar terugkomen uit Zuid-Europa zijn ze vaak waar te nemen op het open veldje tussen het sparrenbos in natuurgebied Collendoorn.
Andere geliefkoosde plekjes voor kneuen zijnde Engbertsdijkvenen, de Kampmanskuiltjes,Vak 14-b, de Karshoek en de Rheezerbelten. Ze broeden echter ook wel in heggen en struiken rond particuliere tuinen. Vreemd genoeg houden ze zich ook graag op in de lage begroeiing langs spoorlijnen.
De mannetjes zijn bij terugkomst nog vrij flets van kleur, maar bij het aanbreken van de broedtijd krijgen ze een mooie karmijnrode borstkleur en een dito "petje”. Hierdoor wordt hij zowel in Utrecht als in Friesland nog altijd het robijntje genoemd.
Streeksgewijs heeft de kneu echter nog veel meer bijnamen. Zo heet de vogel in Den Haag kneuter en de Kneuterdijk vlakbij het Binnenhof is daar een afgeleide van.
Mogelijk hebben zich daar vroeger veel kneuen in de bosjes opgehouden. En zijn aanwezigheid op heidevelden heeft hem hier en daar de naam heikneuter bezorgd. In de Peel hebben de Brabanders hem daarop pilkneuter genoemd. En zijn voorkeur voor het lijnzaad uit vlas bezorgde hem in Limburg de bijnaam vlasvink. Door het eten van andere vetrijke zaden, zoals hennep, kreeg hij de naam hennepvink. Hier duidt het "cannabina”uit de wetenschappelijke naam ook al op. Al met al heeft dit mooie vogeltje heel watstreeknamen en de Tukkers dragen deze naam dan ook met ere.
Geluid van de Kneu


